De invoering van de gedifferentieerde vliegbelasting per 2027 zal volgens afzwaaiend ANVR-directeur Walter Schut slechts beperkte gevolgen hebben voor het merendeel van de vluchten vanaf Schiphol. Vooral intercontinentale verbindingen krijgen te maken met hogere tarieven.
Vanaf 2027 wordt de Nederlandse vliegbelasting gekoppeld aan de vliegafstand. Daardoor stijgen de kosten voor langeafstandsvluchten, met uitzondering van bestemmingen in het Caribisch deel. Volgens Walter Schut zullen met name luchtvaartmaatschappijen met een uitgebreid intercontinentaal netwerk, zoals KLM, de gevolgen daarvan merken.
Tegelijkertijd verwacht hij dat de impact beperkt blijft. “Zeventig tot 75 procent van de vluchten vanaf Schiphol valt binnen Europa en behoudt het lagere tarief,” aldus Walter Schut tijdens een bijeenkomst van Young ANVR in Beachclub Bloomingdale.
Voor vakantievliegers als Transavia zijn de gevolgen naar verwachting kleiner, zegt de afzwaaiende directeur. De maatschappij richt zich voornamelijk op Europese bestemmingen. Alleen op vluchten naar bestemmingen buiten Europa, zoals Dubai en Beiroet, waar overigens nu niet op gevlogen wordt door de oorlog in het Midden-Oosten, zou de hogere vliegbelasting van toepassing zijn.
Walter Schut plaatst wel vraagtekens bij het Nederlandse belastingbeleid. “Het is niet handig om in Nederland hoge belastingen te houden, terwijl omringende landen, zoals Duitsland, dat niet of in mindere mate doen,” zegt hij. Desondanks verwacht Walter Schut niet dat reizigers massaal zullen afhaken. “Mensen blijven vliegen, omdat het snel, betaalbaar en veilig is.”