24 augustus 2026
Thumbnail voor Kees Bikker: ‘Slow travel, of je nou wil of niet’

Kees Bikker: ‘Slow travel, of je nou wil of niet’

Ik heb dit jaar alweer een paar mooie kilometers over het spoor afgelegd. Heen en weer naar Duitsland en ook pas nog vanuit Londen terug naar huis. Beide reizen verliepen niet helemaal vlekkeloos, en juist dat maakt ze de moeite van het navertellen waard. Want het interessante is: waar de een uitblonk, ging de ander de mist in, en andersom.

Eerst Duitsland. Bij aankomst in Würzburg stond de teller op een uur vertraging, op de terugweg zelfs op drie. Je zou verwachten dat ik daar chagrijnig van word, maar het tegendeel is waar. Het Duitse materieel is namelijk tiptop in orde, en een bezoekje aan de Bordbistro is en blijft een klein feestje op wielen.

Voor die vertraging kon ik netjes een vergoeding aanvragen. Ouderwets, dat wel: via een formulier, met de post. Maar het werkte. Een paar weken later kreeg ik een reischeque ter waarde van de prijs van mijn kaartje. Het comfort zit in Duitsland dus niet in de stiptheid, maar in alles eromheen. Sterker nog, die drie uur vertraging waren zo slecht nog niet. Dit is precies waar slow travel over gaat: niet jachten van A naar B, maar onderweg zijn, uit het raam staren, een goed gesprek met een medereiziger, en zonder schuldgevoel een tweede biertje bestellen. Je moet alleen dus geen haast hebben en genoeg marge in je planning opnemen.

Een paar weken later pakte ik de Eurostar uit Londen. Het begon al voor vertrek. Op St Pancras worden de passagiers van maar liefst vier volle Eurostars bijeengedreven in een veel te kleine ruimte, waar je pas het perron op mag als de trein er daadwerkelijk staat. We zaten als ratten in de val. Zitplaatsen zijn er voor een fractie van het aantal wachtenden. Ongastvrij, en een prijs van 240 euro voor een enkele reis onwaardig.

Eenmaal aan boord vertrok de trein op de seconde en arriveerde op de seconde. Chapeau, zou je zeggen. Ik had me dan ook verheugd op werkende wifi en op zijn tijd een lekkere bak koffie. Op beide punten kwam ik bedrogen uit. Het internet was zeker tot aan Lille non-existent. Maar internet wil je in de Eurostar echt hebben. In de tunnel valt namelijk een half uur lang niets anders te zien dan je eigen spiegelbeeld in het raampje. Dan maar even koffie halen. En precies op dat moment ging het restaurant dicht. De Engelse ploeg werd afgelost door de continentale ploeg, en eerst moest er een half uur lang voorraad geteld worden en de kas opgemaakt. Ondertussen stond er een rij van twintig man geduldig te wachten. Zelfs de treinmanager vond het maar een onhandige vertoning en verontschuldigde zich keurig. Waar het Duitse net dus rammelt in de dienstregeling, gaat het bij de Eurostar juist mis in de uitvoering.

En toch. Geen zigzag-rijen bij de incheck, geen gewacht bij de bagageband, geen benauwde vliegtuigstoel, wel comfortabele beenruimte, een raam met uitzicht en de vrijheid om op te staan wanneer je wilt. Je stapt in het centrum in en je stapt in het centrum weer uit. De trein blijft, ondanks alles, een van de beschaafdste manieren om te reizen. Dus ja,mijn treinreizen kostten me al met al een cafeïne-cold turkey, drie uur van mijn leven en smak geld. Maar ik heb er ook drie uur langer van mogen genieten dan gepland. En dat noemen we tegenwoordig een succesvolle vorm van slow travel. Bovendien heb ik dankzij al die vertraging weer een voucher voor een nieuwe reis op zak. Dus je begrijpt: ik moet binnenkort weer eens op pad.

Recente berichten